Kansen voor een krimpend platteland

Advies over de gevolgen van bevolkingsdaling voor het platteland

Ook al groeit Nederland als geheel nog tot circa 2038, in die periode kennen we een toenemend aantal krimpende regio's naast groeiregio's. Die krimp slaat versterkt neer op het platteland. Daarnaast kan krimp ook positieve gevolgen hebben voor het platteland. Het advies voorziet in de urgente behoefte aan inzicht in wat de demografische veranderingen betekenen voor het platteland en welke maatregelen dat van de actoren vraagt.

Vergrijzing, bevolkingsafname en daling van het aantal jongeren, hebben verstrekkende gevolgen voor het Nederlandse platteland. Het versneld verdwijnen van voorzieningen zoals scholen en waardedaling van onroerend goed zijn belangrijke negatieve effecten. Maar de ontwikkelingen bieden het platteland ook kansen. Door de verminderde vraag naar ruimte nemen de mogelijkheden toe voor verbetering van de kwaliteit van het landelijk gebied. De raad concludeert in zijn advies 'Kansen voor een krimpend platteland' dat een fundamentele herziening van het plattelandsbeleid noodzakelijk is om die kansen optimaal te kunnen benutten.

De raad doet in zijn advies aanbevelingen aan Rijk provincies en gemeenten. Zij zijn samen met de maatschappelijke partners en burgers aan zet. Het ministerie van LNV zal het initiatief moeten nemen om de demografische vraagstukken op het platteland te agenderen. De toekomst van het platteland hangt af van de manier waarop overheden en burgers op de uitdaging van de krimp reageren.

De Raad voor het Landelijk Gebied heeft zijn advies ‘Kansen voor een krimpend platteland’ over de gevolgen van bevolkingsdaling voor het platteland op 16 december 2009 in Elburg aangeboden aan vertegenwoordigers van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van de P10-gemeenten (de 10 grootste plattelands-gemeenten) en het gemeentebestuur van Elburg. Het advies is eerder in een verkorte versie opgenomen in het advies van de raad 'Braakliggend veld' (november 2009).

In april 2010 heeft de minister van LNV haar officiële reactie op het advies gegeven. Zij kan instemmen met de opgaven die de raad signaleert. Aangegeven wordt dat deze opgaven inmiddels in het Interbestuurlijk Actieplan Bevolkingsdaling verwerkt zijn en geleid hebben tot een aantal acties, waarmee de erkenning van de urgentie van de problematiek rond de bevolkingsdaling inmiddels een feit is geworden.