Europees landbouwbeleid 2021-2027

Inzetten voor kringlooplandbouw

Aanleiding en adviesvraag

Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) van de Europese Unie wordt eens in de zeven jaar opnieuw vastgesteld. De Europese Commissie heeft vorig jaar voorstellen gedaan waarin de lidstaten meer vrijheid krijgen om met het beschikbare geld nationale doelen na te streven. Voor de minister van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit was dit aanleiding de raad te vragen om haar te adviseren over hoe het GLB de komende jaren in Nederland het beste kan worden ingezet om de omslag naar kringlooplandbouw te ondersteunen. Een landbouw die toekomstbestendig, veerkrachtig en robuust is en die past binnen de eisen op het gebied van milieu, klimaat, biodiversiteit, bodem, water, dierenwelzijn, landschap en volksgezondheid.
 

foto: ‘bloemrijke akkerranden bevorderen de biodiversiteit’, fotograaf: Lilian Pruissen
foto: Lilian Pruissen - ‘bloemrijke akkerranden bevorderen de biodiversiteit’

Toelichting

De raad vindt het belangrijk dat het landbouwbeleid, en dus ook de inzet van de Europese landbouwgelden, de komende jaren flexibel is. De veranderingen die nodig zijn om te komen tot kringlooplandbouw zijn moeilijk in een keer te realiseren, juist omdat het zich gaandeweg verder ontwikkelt aan de hand van experimenten en onderzoek. De basis voor betalingen aan boeren dient periodiek te kunnen worden aangepast aan groeiende kennis, voortschrijdend inzicht en verder te concretiseren doelen die passen bij kringlooplandbouw. Dat kan wanneer de inzet van Europees landbouwgeld in de loop van de tijd steeds minder aan inkomenssteun en steeds meer aan prestaties op het vlak van klimaat en milieu wordt gekoppeld. Als grondslag voor deze prestatiebetalingen kan worden gewerkt met een puntensysteem gebaseerd op prestatie indicatoren. Door daarin de betalingen te koppelen aan steeds hogere prestaties op het vlak van klimaat en milieu kunnen boeren de omslag naar kringlooplandbouw geleidelijk inpassen in hun bedrijfsstrategie.

De omslag naar kringlooplandbouw is niet een zaak van boeren alleen, de hele keten heeft daarin een rol. Niet alleen de landbouw dient te veranderen maar het hele voedselsysteem. Door de ecoregelingen via het puntensysteem te koppelen aan duurzaamheidsschema’s die in de private sector worden ontwikkeld, ontstaat er zowel voor boeren als voor andere ondernemingen in de keten gaandeweg een verdienmodel voor kringlooplandbouw. De administratieve lasten voor zowel de overheid als de agrarische sector kunnen door deze koppeling vergaand worden beperkt.

De Rli adviseert ook om de voorgenomen korting op het Europese budget voor duurzaam plattelandsbeleid ongedaan te maken, en dit budget minimaal op het huidige peil te houden en waar nodig te verhogen met het oog op investeringen voor klimaat en milieu. Dit budget is volgens de raad hard nodig om de omslag naar kringlooplandbouw te ondersteunen. Bijvoorbeeld door kennis uit te wisselen, experimenten te doen en praktijkervaringen te delen op het gebied van bodemverbetering, biodiversiteit, en het tegengaan van respectievelijk aanpassen aan de klimaatverandering. Daarnaast is het van belang dat dit geld beschikbaar blijft om boeren te belonen voor publieke diensten die zij verrichten voor het agrarisch natuur- en waterbeheer.

Publicatie

Op 22 mei 2019 heeft de raad zijn briefadvies ‘Europees landbouwbeleid: inzetten op kringlooplandbouw’ aangeboden aan minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Raadslid Krijn Poppe (l) en voorzitter Rli Jan Jaap de Greaff (m) overhandigen het advies aan minister Schouten (LNV) Foto Fred Ernst

Meer informatie

Het briefadvies met toelichting en de bijbehorende infographics zijn te downloaden via deze site.

Voor uw reactie of voor meer informatie kunt u contact opnemen met Hannah Koutstaal, projectleider, hannah.koutstaal@rli.nl , 06 11797505.