Plankgas voor glas?

Advies over duurzame ontwikkeling van de glastuinbouw in Nederland

De raad constateert in zijn advies dat de glastuinbouwsector zich in de loop van de tijd krachtig heeft ontwikkeld tot een economisch cluster van wereldbetekenis. De raad acht het gewenst dat de overheid dit glastuinbouwcomplex de ruimte geeft zich duurzaam verder te ontwikkelen. Het rijksbeleid is er nu op gericht de functie van de Greenports Westland, Oostland, Aalsmeer en omstreken en Venlo op de lange termijn te behouden en te versterken. Voor de korte en middellange termijn sluit het Rijk hiermee aan op de daadwerkelijke ontwikkelingen in de glastuinbouwsector en komt tegelijkertijd tegemoet aan de eisen van een duurzame ontwikkeling van een vitaal glastuinbouwcomplex.

Foto futuristisch ontwerp glastuinbouw

Voor de lange termijn acht de raad het echter gewenst om behalve in bovengenoemde Greenports ook op duurzame wijze ruimte te bieden in de zuidwest-as. Daarbij is de Hoeksche Waard als zoeklocatie aan de orde indien besloten wordt in de noordrand over te gaan tot de daadwerkelijke aanleg van een bedrijventerrein van 300 ha ten behoeve van de Rotterdamse haven. De zoeklocatie kan hierop aansluiten. Ook vraagt de raad bijzondere aandacht voor ontwikkelingskansen rond Schiphol en in Zuidelijk Flevoland.

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft de Raad voor het Landelijk Gebied gevraagd advies uit te brengen over de ruimtelijke ontwikkeling van de glastuinbouw. De raad heeft het advies op 8 april 2005 aan Minister Veerman aangeboden en toegelicht.

De raad constateert in zijn advies ‘Plankgas voor glas?’ dat de glastuinbouwsector zich in de loop van de tijd krachtig heeft ontwikkeld tot een economisch cluster van wereldbetekenis. De raad acht het gewenst dat de overheid dit glastuinbouwcomplex de ruimte geeft zich duurzaam verder te ontwikkelen.
Het rijksbeleid is er nu op gericht de functie van de Greenports Westland, Oostland, Aalsmeer en omstreken en Venlo op de lange termijn te behouden en te versterken. Voor de korte en middellange termijn sluit het Rijk hiermee aan op de daadwerkelijke ontwikkelingen in de glastuinbouwsector en komt tegelijkertijd tegemoet aan de eisen van een duurzame ontwikkeling van een vitaal glastuinbouwcomplex. Voor de lange termijn acht de raad het echter gewenst om behalve in bovengenoemde Greenports ook op duurzame wijze ruimte te bieden in de zuidwest-as. Daarbij is de Hoeksche Waard als zoeklocatie aan de orde indien besloten wordt in de noordrand over te gaan tot de daadwerkelijke aanleg van een bedrijventerrein van 300 ha ten behoeve van de Rotterdamse haven. De zoeklocatie kan hierop aansluiten. Ook vraagt de raad bijzondere aandacht voor ontwikkelingskansen rond Schiphol en in Zuidelijk Flevoland.

Bij het bieden van ruimte aan het glastuinbouwcomplex is het de taak van provincies en gemeenten om behoud van de ruimtelijke, landschappelijke en omgevingskwaliteit van het landelijk gebied te garanderen door concentratie van glastuinbouwvestigingen, het tegengaan van verspreiding en versnippering elders en een goede inpassing en vormgeving van dit nieuwe 'kassenlandschap'. De raad vindt het onvermijdelijk om ten behoeve van een duurzame ontwikkeling van de glastuinbouw op de ene plaats landschapskwaliteit op te offeren om daarmee op de andere plaats landschappen van glastuinbouw te vrijwaren.

De glastuinbouwsector behoeft geen extra financiële steun van de rijksoverheid. De bestaande budgetten zijn voldoende maar moeten worden gecontinueerd en ingezet ter ondersteuning van de sterke kanten van het Nederlands glastuinbouwcomplex. De raad adviseert de minister van LNV als coördinerend minister voor het landelijk gebied, de bestaande budgetten te continueren en geconcentreerd in te zetten op de Greenports Westland, Oostland, Aalsmeer en omstreken en Venlo. Voor de langere termijn adviseert de raad de minister in overleg met de provincies een verkenning uit te voeren naar een optie waarbij naast de geconcentreerde inzet van budgetten op de Greenports ook sprake is van inzet voor ontwikkelingsmogelijkheden in de zuidwest as, rond Schiphol en in Zuidelijk Flevoland.

Reactie en doorwerking

De minister van LNV heeft in zijn brief d.d. 13 september 2005 over de evaluatie van het huidige glastuinbouwbeleid zijn reactie op dit advies meegenomen. In zijn reactie meent de minister, anders dan de raad, dat ook glaslocaties op grotere afstand van de Greenports onderdeel uitmaken van de Greenport Nederland. In de visie van de minister maken ontwikkelingen in de afzet en logistiek, alsook de markten voor versproducten in Scandinavië en Oost-Europa waarvan de logistieke stromen niet via de mainports lopen, dat ook locaties buiten de Greenports (mits goed ontsloten) een significante bijdrage gaan leveren aan de concurrentiepositie van de Greenport Nederland.

Hij acht het uitermate belangrijk dat voor de ruimtelijke en economische ontwikkeling van de Greenport Nederland de verschillende betrokken partijen (overheden, ketenpartijen en sectororganisaties) samenwerken vanuit een gezamenlijke visie en aanpak. Naar zijn mening is dit een niet onbelangrijk leerpunt vanuit ervaringen c.q. vanuit de evaluatie met betrekking tot de ontwikkeling van de Landbouwontwikkelingsgebieden glastuinbouw (LOG's).