Internationale bereikbaarheid per spoor

Verwacht juli 2020
De internationale treinverbindingen laten te wensen over. Hoe komt dat? Waar zitten de belemmeringen die een betere spoorbereikbaarheid in de weg zitten? Wat is er nodig om de internationale bereikbaarheid per spoor van en vanuit Nederland naar een substantieel hoger plan te trekken?
foto van hogesneheidstrein ICE op station

Aanleiding en adviesvraag

Nederland heeft een goed functionerend binnenlands spoorwegnetwerk voor personenvervoer maar, enkele uitzonderingen daargelaten, de treinverbindingen van en naar het buitenland laten nog te wensen over. De reistijden zijn te lang, de aansluitingen zijn slecht, de aanschaf van tickets is lastig en de prijzen zijn hoog. Deze en andere problemen ontstaan door een aantal factoren die de internationale spoorbereikbaarheid van en vanuit Nederland belemmeren. Het gaat hierbij om meer dan ontbrekende schakels en technisch/fysieke beperkingen in de infrastructuur. Er zijn ook ‘zachte’ factoren zoals een gebrek aan beschikbare reisinformatie, problemen met de aanschaf van internationale treinkaartjes (ticketing), de prijsvorming, niet-compatibele internationale regelgeving en een gebrek aan samenwerkingsbereidheid die een betere bereikbaarheid in de weg staan.

De centrale adviesvraag die de raad wil beantwoorden is: Hoe kunnen belemmeringen worden weggenomen die in de weg staan van een betere bereikbaarheid (van en vanuit Nederland) per spoor?

De raad ziet een aantal maatschappelijke doelen waar een betere spoorbereikbaarheid aan kan bijdragen. Een betere bereikbaarheid is goed voor de economische ontwikkeling van Nederland, het versterkt het vestigingsklimaat. Het stimuleert toerisme, dit is zowel economisch als sociaal-cultureel van belang. Snelle en frequentie internationale treinen kunnen een vervanging zijn voor vluchten op de korte en middellange afstand en ook voor internationaal wegverkeer. De reiziger kan met de internationale trein kiezen voor een veilige en minder vervuilende vervoerswijze en zo ook een bijdrage leveren aan het verminderen van de congestie op de weg en een afname van de druk op de luchthaven Schiphol.

Bij dit traject wordt gekeken naar mogelijkheden voor samenwerking/afstemming met een aantal Europese zusteradviesraden. Het advies zal mogelijk mede gericht worden aan de Europese Unie.

Afbakening adviestraject

De raad focust zich in dit advies op de bereikbaarheid voor het personenvervoer. De raad schat in dat een advies dat ook over goederenvervoer per spoor gaat te omvangrijk wordt en te complex om binnen een redelijke doorlooptijd op te stellen. Goederenvervoer is overigens wel aan de orde voor zover dit invloed heeft op het personenvervoer per spoor en het is ook interessant om te leren van de vergelijking tussen personen- en goederenvervoer.

Planning

De verwachting is dat het advies in juli 2020 wordt uitgebracht.

Samenstelling raadscommissie

Jeroen Kok, raadslid en commissievoorzitter
Niels Koeman, raadslid
Co Verdaas, raadslid

Externe commissieleden

Wijnand Veeneman, universitair hoofddocent, TU Delft
Frank Witlox, hoogleraar economische geografie, Universiteit Gent

Informatie of reactie: 

Voor meer informatie over het advies kunt u contact opnemen met Tim Zwanikken, projectleider, tim.zwanikken@rli.nl, 06-52874404.